Schaakclub DAC.
Schaaktraining 2007.
Les 3.
Op de derde avond behandelde Eric aanvalssystemen voor wit, met name vanuit een Siciliaanse opening.
In vele varianten van het open Siciliaans, maar ook in openingen als de Philidor (1.e4 e5 2.Pf3 d6 3.d4 exd4 4.Pxd4) of het Schots (1.e4 e5 2.Pf3 Pc6 3.d4 exd4) kan wit kiezen voor een universele aanvalsopstelling met Pf3xd4, Pb1-c3, Lc1-e3, f2-f3, Dd1-d2, 0-0-0, eventueel Kc1-b1 gevolgd door een pionnenstorm op de koningsvleugel met g2-g4, h2-h4, g4-g5, h4-h5 en g5-g6. De pion op f2-f3 ondersteunt daarbij zowel de centrumpion op e4 als de opmars g2-g4.
Het doel is lijnen openen tegen de vijandelijke koning -
en dat mag best een pionnetje kosten - en matzetten. Onderstaand een diagram met
het model waarnaar wit moet streven.
De eerste zet van wit is nu f2-f3.

Het een en ander werd gedemonstreerd aan de hand van twee partijen.
| Partij 1. [Date "2006.??.??"] [White "amateur 1"] [Black "amateur 2"] [Result "1-0"] 1. e4 e5 2. Nf3 Nc6 3. d4 exd4 4. Nxd4 Bc5 5. Be3 Qe7 6. Nc3 Nxd4 7. Bxd4 Nf6 8. Qd3 O-O 9. O-O-O Re8 10. f3 d6 11. g4 Be6 12. h4 Nd7 13. Be2 Ne5 14. Qe3 a6 15. f4 Nxg4 16. Qg3 Bxd4 17. Rxd4 h5 18. f5 Qf6 19. Rdd1 Bd7 20. Bxg4 hxg4 21. Qxg4 Bc6 22. h5 Qh6+ 23. Kb1 f6 24. Rdg1 Re7 25. Qh4 Kh8 26. Rg6 Qh7 27. h6 Kg8 28. Rhg1 Kh8 29. Rxg7 Rxg7 30. Rxg7 1-0 |
Partij 2 [Event "Gibraltar"] [Date "2004.??.??"] [White "Short"] [Black "Pogorelov"] [Result "1-0"] 1. e4 c5 2. Nf3 Nc6 3. d4 cxd4 4. Nxd4 Qc7 5. Nc3 e6 6. Be3 a6 7. Qd2 b5 8. O-O-O Nxd4 9. Bxd4 Ne7 10. Kb1 Nc6 11. Be3 Ne5 12. f4 Nc4 13. Bxc4 Qxc4 14. Bd4 f6 15. g4 Be7 16. g5 O-O 17. b3 Qc6 18. gxf6 Bxf6 19. Rhg1 b4 20. Nd5 exd5 21. e5 Be7 22. e6 Rf6 23. f5 dxe6 24. Rxg7+ Kxg7 25. Qg5+ Kf7 26. Rg1 Bf8 27. Qxf6+ Ke8 28. Rg8 Qd6 29. fxe6 Qe7 30. Qh6 Rb8 31. Bf6 Qxe6 32. Rxf8+ Kd7 33. Qg7+ Kc6 34. Be5 Rb7 35. Qh8 1-0 |
Vervolgens werd dit getraind in een kloksimultaan tegen de cursusleider, waarin de cursisten met wit zodanig moesten spelen dat zij bovenstaande stand realiseerden, om vandaar uit met oprukkende koningspionnen het spel verder te spelen. De opening is Siciliaans: 1. e4 c5 2. Pf3 Pc6.
Dit leverde onderstaand commentaar van de cursusleider op.
| Bert van Till deed te snel e4-e5 in een Philidor. Zo'n
ruil in het centrum werkt meestal bevrijdend voor zwart.
Leunis Maas zette in een Siciliaan alles goed neer, dus compleet met g4-g5 en h4-h5 en had daarna verder moeten breken met g5-g6! Hij deed echter h5-h6? en toen kon zwart met g7-g6 alles dichthouden op de koningsvleugel. Tegen Wim Vuursteen Siciliaans, ik speelde ergens d6-d5 met zwart en toen liet wit gewoon d5xe4 toe wat simpel een pion kostte. d6-d5 moet bijna altijd met e4-e5 of met e4xd5 beantwoord worden. Jan Mulder deed in een Philidor te snel f3-f4. Hou die pion bij voorkeur op f3, lekker stevig! Na f3-f4 kon ik met Pf6-g4xe3 zijn gevaarlijke aanvalsloper op e3 elimineren. Frans Boot kreeg in een Philidor mooi spel, hij veroverde het loperpaar, had veel meer ruimte en controle over de witte velden. Daarna was zijn aanvalsvoering wat al te optimistisch en kon zwart in de counter toeslaan. Harry Hofstee, Siciliaans. In plaats van zelf aan te vallen snoepte hij mijn pionnetje op b4 en probeerde hij vervolgens aan te tonen dat wit gewoon een pion voor stond. Soms klopt dat, maar nu had zwart steeds lastige compensatie. Dick Folkeringa, Siciliaans. Net als vele anderen leed Dick in de opening onnodig tempoverlies met zijn loper: eerst naar e2, daarna alsnog naar d3. Vaak ook is het goed om die loper langere tijd op f1 te laten. Zwart kwam beter te staan, maar ergens raakte ik de draad kwijt en Dick profiteerde heel attent. |
De volgende les is 13 december 2007.